Wat betekent het klimaatbeleid van Rutte III?

Het regeerakkoord is gepresenteerd en bevat vier hoofdstukken, waarvan er één geheel is gewijd aan hoe Nederland duurzamer wordt. Dat is opvallend en had blijkbaar niet iedereen verwacht.

 Het gaat in paragrafen over:
• klimaat en energie
• mobiliteit
• gaswinning
• landbouw, voedsel, visserij en dierenwelzijn
• en de leefomgeving.

 

Over het ambitieuze klimaatbeleid is inmiddels al wat geschreven en gezegd. Ik leg, als VVD-woordvoerder Klimaat van de afgelopen jaren, het regeerakkoord op klimaatgebied graag tegen de meetlat en voorzie het van commentaar. Ik toets daarbij aan mijn vijf (generieke) criteria en geef aan waar voor de VVD nog aandachtspunten zitten.

 

Eerst de vijf criteria van Dijkstra

 

1. Het doel moet centraal staan, niet het middel; Dus bijvoorbeeld geen dwingende technologieën voorschrijven, maar de keuze wat het beste is aan de markt overlaten;

 

2. Klimaat- (en milieu)beleid zoveel mogelijk mondiaal, dan wel Europees proberen te regelen. Beiden stoppen niet bij de landsgrens;

 

3. Lossen we het probleem op? Of verplaatsen we het probleem naar elders? Met alle negatieve gevolgen voor bijvoorbeeld werkgelegenheid en milieu van dien;

 

4. Zorgt het voorstel voor innovatie? Innovatie is immers vooruitgang;

 

5. Schaadt het voorstel de concurrentiepositie niet of niet teveel? Een gelijk speelveld is voor een VVD een belangrijk uitgangspunt, andere partijen letten er nauwelijks op. Nieuwe kansen om milieu en economie te verbinden zijn helemaal mooi.

 

Allereerst valt op dat het klimaatbeleid een prominente plek heeft gekregen. Het klimaatakkoord van Parijs (gesloten in december 2015) wordt nagekomen en staat centraal. Het doel is daar de reductie van broeikasgassen om de opwarming van de aarde door menselijk handelen te minderen en klimaatadaptatie waarbij de wereld wordt klaargestoomd om schade door een toename van extremen weersituaties te minderen. Hoe je dat doet is vooral aan de markt (inclusief wetenschap) en in samenspel met de overheid die de doelen bepaald.

 

Ambitie
 Deze doelen liggen zeker zeer ambitieus en gaan met 49% en een gezamenlijke inzet op 55% zelfs een stuk verder dan de Europese bijdrage (thans 40% reductie in 2030). Nederland neemt hier dus echt het voortouw en wil Europa meekrijgen in haar ambities. Europa herijkt haar doelen in 2019 en dat is een goed moment om wereldwijd te kijken wat nodig en haalbaar is. Klimaat is een mondiaal vraagstuk en Nederland toont leiderschap. Lukt het niet met geheel Europa, omdat bijvoorbeeld Oost-Europese landen het niet zien zitten, dan kunnen we met gelijkgestemde buurlanden de lat hoger proberen te leggen zonder concurrentienadelen voor onze economie. GroenLinks voorman Klaver moest in het programma Buitenhof zelfs al toegeven dat het pakket ambitieuzer is dan ze ooit hadden verwacht. Met een VVD-minister (de heer Wiebes wordt genoemd) op de post van Economische Zaken en Klimaat (samengevoegd) hebben wij de kans om het slimmer in te vullen dan linkse partijen. Denk daarbij aan de rol die innovatie en kostenvermindering kan hebben in tegenstelling tot verbieden en bestraffen. Denk aan de balans tussen economie en klimaatbeleid, die elkaar mits goed afgestemd, juist kunnen versterken, exportkansen en nieuwe banen en welvaart opleveren. Over klimaatadaptatie schrijf ik later nog. Ook daar is Nederland vaak koploper, denk aan het unieke Deltaprogramma.

 

Investeringszekerheid
 Naast de ambities, was het mantra van het bedrijfsleven; ‘geef ons investeringszekerheid voor de langere termijn’. Aan dat streven wordt tegemoet gekomen met de onverkorte uitvoering van het huidige energieakkoord tot 2020/2023 en het opstellen van een nationaal klimaat- en energieakkoord eind 2018 (zeg maar energieakkoord versie 2.0 en dan veel breder inclusief biobrandstoffen en circulaire economie, naast de industrie en energie, ook aparte doelen voor mobiliteit, landbouw en gebouwen) geldend voor de periode 2020 tot 2030. Zo kunnen de constructieve partijen van eerder, bedrijven, ngo's en instellingen meewerken aan verdere verduurzaming van de economie en de samenleving. Om de investeringszekerheid te borgen heeft het kabinet een flink bedrag gereserveerd en kan een wettelijke verankering in de vorm van de voorgestelde Klimaatwet helpen. Deze moet wel voldoende flexibel zijn. Ik denk dat het goed is als de Kamer dezelfde transparante afwegingen kan maken tussen extra geld naar klimaatbeleid, zoals naar uitgaven voor infrastructuur, onderwijs, defensie, zorg e.d. Zaak is dan ook dat het zoveel mogelijk via de begroting loopt in plaats van toeslagen op de energierekening. Helaas zijn subsidies nog een tijdje nodig, maar het streven is kostprijs verlaging en afbouw van subsidies aangezien de emissiereductie zo kostenefficiënt mogelijk moet kunnen plaatsvinden. En geen inkomenspolitiek via de energierekening!

 

Specifiek voor de elektriciteitssector komt er een minimumprijs voor CO2, van 18 oplopend naar 43 euro per ton en dat zal ertoe leiden dat het minder interessant is om bijvoorbeeld kolencentrales open te houden. Via InvestNL komt er grote zak geld beschikbaar voor innovatieve (pilot-) projecten om ook zo de energietransitie te bevorderen. Er is geld voor verduurzaming van de bebouwde omgeving waarbij vooral woningcorporaties een inhaalslag kunnen gaan maken. Er wordt samengewerkt met gemeenten en provincies, over verduurzaming, maar ook over klimaatadaptatie. Nieuwbouwwoningen hoeven niet meer aangesloten te worden op het gas. De afvang van koolstof in het havengebied met slimme combinaties wordt geregeld. Wet- en regelgeving wordt aangepast, de grondstoffenafspraken worden verder uitgewerkt… etc etc. Kortom, er zit veel in. ‘Om vertrouwen te hebben in de toekomst’ en de ongekende ambities waar te maken.

 

Samenvattend
 Dit regeerakkoord spat van de energie en ambitie op klimaatbeleid. De maatregelen moeten nog worden uitgewerkt, waarbij we oog hebben voor de kosten en de gevolgen voor onze internationale concurrentiepositie. Als we het slim doen, biedt het klimaatbeleid kansen om ons land toekomstbestendig te maken. Wij hebben als Nederland juist alles in huis om een goed voorbeeld voor de rest van de wereld te zijn. Denk aan water, voedsel en technologie. Dat het doel; reductie van broeikasgassen centraal staat, is winst. Dat we vasthouden aan internationale afspraken en samen optrekken met omliggende landen is goed. Dat we investeringszekerheid bieden aan investeerders, vooral degenen die niet met hun hoofdkantoor in Europa zitten en die dus makkelijk ook elders ter wereld kunnen investeren, is hard nodig. Wij willen die investeringen graag in Nederland krijgen, anders wij armer en de wereld warmer. Dat we volop inzetten op innovatie (+400mln), slimme verbindingen tussen het topsectorenbeleid, intelligente aanbestedingen om zoveel mogelijk rendement voor je euro te krijgen, minder afhankelijk worden van onze eigen gaswinning en import via buitenlandse regimes is allemaal verstandig. Beprijzing van uitstoot speelt daar in een belangrijke rol, waardoor de vervuiler betaalt en de kostenefficiency behaald kan worden. Het voortzetten en verdere versterking van de Europese emissiehandel is dan ook een mooie opgave voor de aankomende VVD-minister.

 

Aandachtpunten
 Naast de eventuele juridische afdwingbaarheid van een Klimaatwet (geheel afhankelijk wat we erin zetten en geen zin in rechtszaken) en het voorkomen van een 'alleingang' door Nederland, verdient de CO2-balans aandacht. Deze klimaatdoelen gelden namelijk voor Nederland, maar vaak produceren wij voor de export. Denk aan de chemie- en petrochemie, maar ook de landbouw waar soms 80% export gerelateerd is. Grote exporteurs, dus hier de uitstoot, maar niet het verbruik. Andere landen profiteren daar juist van. Als wij alles importeren is ons probleem ook opgelost, leuk voor de CO2, maar dat gaat ten koste van onze welvaart. Het Planbureau van de Leefomgeving kijkt niet verder dan de landsgrenzen en het huidige kabinet kon deze balans nog niet goed onderbouwen. Die balans tussen import en export met betrekking tot CO2- doelen in de smiezen houden is nodig. Juist omdat in Nederland tegen de laagste CO2-afdruk per product ter wereld wordt geproduceerd. Het kan niet zo zijn dat wij hierin onze positie verliezen en naast banenverlies, ook het klimaat de dupe wordt. Daar schiet niemand wat mee op.

 

Conclusie
 Het doel staat inderdaad centraal, innovatie wordt gestimuleerd, het gelijke speelveld, concurrentiekracht. Het komt allemaal terug. Ik denk dat we er echt een succes van kunnen maken. Als we luisteren naar elkaar, onze rug recht houden en knopen durven door te hakken. Duurzaamheid is nu geen links of rechts thema meer. Duurzaamheid is inmiddels omarmd door de kiezers inclusief velen van de VVD. En juist omdat de VVD meedoet, met haar ministers in een lange traditie van solide milieu- en economisch beleid, is de voorwaarde voor echt resultaat binnen bereik. Geen symboolpolitiek, maar keuzes met realisme en betaalbaar. Zodat jij je leven kunt blijven leiden, op een manier die ook nog een beetje leuk is.

 

Ik ben benieuwd naar jouw mening...
 ps: en dat sommige partijen nu de wind uit de zeilen is genomen, dat vind ik een mooie bijvangst.